zaterdag 1 maart 2014

Pauwen, Culturele Vrijdag en Socialistische Bionade



‘Weet je wel zeker dat je hier wilt blijven? Moet je op reis? Wordt het dan niet verschrikkelijk saai hier?’, mijn baas snapte niet wat ik met een  vrije week in Berlijn moest doen.
Ik wel.´ 
In mijn pyjama door de gangen, uitslapen tot hoe laat ik het wil en kei hard met mijn muziek meeschreeuwen; het kon deze week allemaal. Alle boarders en mentoren waren naar huis; ik had het rijk voor me alleen. Endlich, ein bische Ruhe. Mijn week bestond uit fietsen, kroegjes en koken. Niet langer ondersteund door onze catering moet ik namelijk zelf koken; wat een armoede. Ik vulde mijn koelkast met extra veel groeten en trakteerde mijzelf op gezonde maaltijden en een grote brandwond op m’n rechterhand.
Na een paar dagen alleen gekookt te hebben, realiseerde ik me weer hoe saai dat eigenlijk is.
Via Facebook kwam ik bij een groep Berlijners die graag kookt en woensdag stond ik vegetarisch te koken in Schöneberg. Mijn gastheer gaf aan dat hij van Bionade hield. Opgetogen snelde ik naar de winkel, ik namelijk ook. Daar vond ik ‘socialistische Bionade’ in de smaken gember, dennen en granaatappel. Iedereen was onder de indruk van het etiket en wat minder van de smaak. Het was een super leuke avond, we hebben sehr gemütlich miteinander geredet und gegessen.

Ook fietste ik naar Pfauenisland. Met mijn vriend op een jaloersmakend eiland kon ik natuurlijk niet achterblijven. Pfaueenisland dus. Een eiland met, inderaad, pauwen. Een pontje bracht me erheen en na enige tijd liep ik op het doodstille, verlaten eiland. Opeens hoorde ik een pauw roepen. Ik schrok me kapot! Vond ik pauwen eigenlijk niet heel erg eng? Vroeger in Groningen wel, maar toen was de pauw groter dan ik. Even verderop las ik op een bord dat er ook wilde zwijnen op het eiland rondliepen. Fijn.
Toen bedacht ik me dat ik nog nooit had gehoord dat er iemand was gestorven door toedoen van een pauw en dat ik niet zo moest mutsen. Ik liep verder en al snel hield ik op met denken. De futen fuutte, ik hoorde een uil, eenden, een specht en andere vogels die ik niet kon plaatsen. Het was zo stil. Zo stil dat elke voetstap wel een belediging voor de omgeving leek. En dan af en toe; de pauw.
Bij elke ritseling dacht ik; JA EEN PAUW! Maar dan was het een merel. Ik liep verder, starend naar het meer. Ik draaide me om en opeens stond ik oog in oog met een pauw. Nog geen meter afstand. Ik moest m’n best doen niet te gillen. Pauwen zijn groot! De pauw kwam op me af, net als een Duits stel. “De pauw is banger voor jou dan jij voor hem’ zeiden ze, terwijl ze de doodsangst in m’n gezicht lazen. Nadat ik over de eerste schok heen was, zag ik hoe mooi de pauw was en heb prachtige foto’s kunnen maken van deze en andere pauwen. Bedankt Unesco!

Donderagavond zei Jeroen dat hij behoefde had aan iets cultureels. We maakte plannen en de eerste editie van “Saskia en Jeroen doen cultureel op vrijdag” was geboren. Brillen op, museum aan.
Met een zak Berliner Bollen (hier heten die overigens “Pfankuchen” en kaffee zu mitnimmen stapten we op de trein naar om naar het Duits Russisch museum te gaan. Een voormalige basis van de Luftwaffe van de Wehrmacht en de plek waar Duitsland officieel capituleerde op 7 mei ’45.
Een indrukwekkend museum, zo is er een kamer waar je in loopt en alleen een soldaten uniform in een vitrine ziet. Op het glas staat geschreven:  ‘60% strieb’.
WO II staat bij de Russen bij de Russen in de boeken als ‘de grote vaderlandse oorlog’ en soms wordt het iets té. Zo liggen er stukjes steen van een fort in Rusland, die als een soort relieken worden gepresenteerd. Hoe objectief is het museum? In het gastenboek wordt er fel over gediscussieerd. Fascinerend om te lezen.

Later zaten we in een Libanees restaurant. We bestelden een ‘plaat voor twee personen’ en even later stond er een overheerlijke schaal voor onze neus. Eh.. Jeroen. Ja? Wat is dat roze? Ik heb geen idee. Ik denk trouwens dat dit kip is. Ja? Hmm, dit is iets vissigs. Ofzo. Lekker? Ja lekker ja. Ik heb alleen geen idee wat het is! Het restaurant was fel rood geschilderd, overal stonden bloemen en de eigenaren schreeuwden tegen elkaar. Er werd Libanese muziek gedraaid, wat klonk als een soort van hysterische polka, dat weer goed paste bij de hysterische schilderijen aan de muur. Het was weer een goede week.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten